Inwoners geven aan dat buurtschap en sociale cohesie niet iets is dat de gemeente achter de beleidstafel bedenkt en er opeens is. Het ontstaat door generaties heen, en door goede initiatieven van onderop uit de samenleving. De gemeente moet deze initiatieven faciliteren en ondersteunen. Volgens inwoners zijn er plekken nodig waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten, financiële ondersteuning voor initiatieven en praktische ondersteuning bij het aanvragen van hulp bij de gemeente. Hier kunnen bijvoorbeeld dorps- en buurtcoördinatoren een rol spelen.
Het is hierbij ook belangrijk om de juiste schaalgrootte te kiezen, geven inwoners aan. Denk niet op wijkniveau, maar op dorp- en buurtniveau, of soms zelfs op straatniveau. Deze dorpen, buurten en straten verschillen daarnaast weer van elkaar. Kijk goed wat er nodig is op welke plek: de ene is de andere niet en op sommige plekken is er meer energie voor sociale initiatieven dan op andere plekken. Voor elk initiatief zijn trekkers nodig die zorgen voor kennis en continuïteit, zodat initiatieven blijven draaien.
‘Leer van elkaar’ is voor dit onderwerp een duidelijke boodschap van inwoners. Ga gluren bij de buren: hoe zorgen andere inwoners, dorpen en buurten voor die sociale cohesie? Heb daarbij ook oog voor verschillende doelgroepen. Dus blijf verenigingen en clubs die er al zijn ondersteunen, maar kijk ook hoe die sociale cohesie in deze tijd vorm kan krijgen voor bijvoorbeeld jongeren. En kijk hoe we dat vast kunnen blijven houden in de toekomst.